Tageten

Bij de voedselbank

voedselbank

Vrijdagmiddag. Ik sta in de rij bij de voedselbank. Niet voor mij (gelukkig), maar voor een klant. Die klant is een 23-jarige Marokkaanse jongen met een Algerijns paspoort zonder verblijfstatus, uitkering, werk, woning of netwerk. Al 13 jaar in Nederland. Hij kan niet worden uitgezet, maar er is ook geen voorziening die hulp biedt aan deze categorie mensen. Balen. Sneu verhaal ook.
De rij is lang. Om de 5 minuten zwaait de deur open en wordt er een aantal afgeroepen: “Volgende drie!” Het klinkt streng. In de rij zijn mensen geduldig. Men praat wat, want men kent elkaar blijkbaar. Er is geen gêne of schaamte te zien. Wel te horen, als je goed luistert. “Vorige week kreeg ik het verwijt dat ik hier met een Mercedes kwam”, zegt een man tegen een vrouw die – aan haar stem te horen – veel te veel sherry drinkt en Mantano sigaretten rookt. “Maar dat komt, ik woon boven een kroeg. En de kroegbaas zei me de Mercedes maar even te gebruiken”, legt hij verontschuldigend uit. De deur zwaait open en een vrouw, nee, een moeder stapt naar buiten met drie zware tassen. Ze lacht, tenminste, ze heeft een beetje een verbeten grijns. Blij dat ze eten heeft, verhard door de wanhoop. Zoiets. Uit een van de tassen steekt een rol sinterklaaspapier. “Ha, kijk aan: pakpapier”, roept iemand olijk. “Nu nog iets om er in te stoppen”, zegt een ander. Even is de rij stil. “Kazan, af!!”, brult een jonge man tegen zijn pitbullpup. Het beestje hangt in een broekspijp. “Hij is pas 9 weken”, verontschuldigd de jongeman zich. Een auto met Pools kenteken stopt. Twee mannen, de achterbank vol spullen. Slaapzakken, tassen. Blijkbaar doet dit opeltje ook dienst als camper.
Het begint te regenen. Geen overkapping, geen beschutting, alleen de verschutting. De buitenwereld kijkt immers mee.
“Volgende drie!”, gebiedt een corpulente vrouw. Binnen hangt een beetje een kerstsfeer. Alsof de het niet de voedselbank, maar het uitdelen van de kerstpakketten betreft. Mijn Marokkaanse gezel krijgt een pasje, een goedkoop geplastificeerd kaartje met zijn naam en de periode in welke de pas recht geeft op voedselbankondersteuning. De inhoud van het pakket is afgestemd op zijn leeftijd en het feit dat hij alleen is.
Ik sta er bij en kijk er naar. Grote hoeveelheden goed voedsel, afgeschreven door ons die het beter hebben. Gered van de afvalberg. Andijvie met een randje. Net niet dagvers brood. Ik figureer in een film en het stemt mij droevig. Alleen al door er naar te kijken.
Buiten heeft de moeder de zware tassen in een veel te grote auto geladen. De ramen zijn beslagen. Het kreng wil niet starten, de accu laat het afweten.
De rij kijkt, zwijgt en wacht af.

Ovenschotel: Aardappel – Prei

Prei-ovenschotel

Het was er weer voor vandaag. Een lekkere ovenschotel van nieuwe aardappelen en prei.
Het recept:

Nodig voor 5 personen:

  • Nieuwe aardappelen, zo klein mogelijk (de kleintjes uit de 5 kilo-zak, zeg maar)
  • 4 flinke preien
  • 6 eieren
  • 3 uien
  • zout, peper, nootmuskaat (en meer kruiden naar smaak uiteraard)
  • een beker melk (250 ml)
  • 4 tenen knoflook
  • 300 gram geraspte oude kaas
  • klont roomboter

Bereiden:

Prei-ovenschotel-1
Vet een ovenschaal in met de roomboter.

Prei-ovenschotel-2
Schil de aardappelen niet, maar snijd ze in kwarten. Kook deze een minuut of 8. Doe de helft van de gekookte aardappelen in de schaal.

Prei-ovenschotel-3
Snijd de prei aan ringen, spoel af en stort dit over de aardappelen in de ovenschaal.

Prei-ovenschotel-4
Bestrooi de ovenschaal met de geraspte kaas.

Prei-ovenschotel-5
De rest van de aardappelen er overheen.

Eet lekker.Prei-ovenschotel-6
De uien er over.

Prei-ovenschotel-7
Doe de melk in een kom, de knoflook er bij en met een staafmixer de knoflook fijnmaken. De eieren, zout, peper en andere kruiden erbij en even met de staafmixer door elkaar rammelen.
Verdeel het mengsel rustig over de hele schaal.

Ongeveer een anderhalf uur midden in de oven op 175 tot 200 graden, de schaal afgedekt met alu-folie. Laatste kwartier het folie verwijderen.

Eet smakelijk!

Een zomerse ovenschotel (courgette)

schaal

Ik maak deze schotel wanneer ik geen tijd heb. Nou ja, de dag dat we hem eten geen tijd heb bedoel ik meer. Op de dag zelf heb je alleen een oven nodig, en een paar uur om de schotel te verwarmen.
De dag er voor heb je aan 3 kwartier genoeg.

Benodigd:

  • 2,5 kg Aardappelen (nieuwe, als je ze in de schil laat)
  • Tomaten (ik gebruikte er 4)
  • 1 Rode paprika
  • 4 Courgettes
  • 3 uien
  • Flink wat knoflook
  • Italiaanse kruidenmix
  • Zout en peper
  • Pittige kaas (een belegen, maar een blauwe mag ook)

Ok, was de aardappelen – als je ze in de schil laat – en snijd deze in plakken van ongeveer een centimeter. Kook ze in weinig water met wat zout ongeveer 8 minuten (aardappelen worden anders moeilijk gaar in de oven).
2013-09-02-10.51

Snijd de knoflook in stukjes, de uien grof en fruit dit glazig in olijfolie met een flinke hoeveelheid Italiaanse kruidenmix.
2013-09-02-11.03

Snijd de courgettes (in de schil) in plakken van ongeveer een centimeter. Bestrooi deze met wat zout.
2013-09-02-11.05

Snijd de tomaten in plakken, en de paprika in halve ringen.
tomaat

paprika

Doe de afgegoten aardappelen in de ovenschaal, strooi de paprika er over, meng de courgette met de kruiden-ui mix en leg dit op de aardappelen en paprika. Dek af met een laagje tomaat.
Ik vind het lekker om er nog een paar deciliter vocht aan toe te voegen. In dit geval nam ik een restje tomatensaus van de pasta aangelengd met wat water. Bouillon kan ook, of iets anders lekkers.
Bedek de schaal met alu-folie.

Verwarm de oven op 170 graden, zet de schaal midden in de oven en laat een uur of 2 staan.
Voeg, als je dat lekker vindt, de laatste 10 minuten wat kaas toe en laat de folie van de schaal.
Eet lekker.

(Gaat het te hard? Oven wat temperen)

Oh ja, en moet er dan geen vlees bij? Of vet? Of boter?
Alles kan, niks hoeft.
Gerookte spek is erg lekker, of een klassieke rook- of braadworst.

Holy Shit

poop

Eén van de nadelen van dat voorgekauwde, vezelloze voer hier is wel dat je er slecht van kunt poepen. Nu gaat het mij over het algemeen gemakkelijk af, dat afgaan, maar na een dag of zes moet zelfs ik erg mijn best doen om de pizzapunten, snotbroodjes en hamburgers de achterdeur uit te krijgen. Gelukkig ben ik altijd vroeg op en kan ik op mijn dooie akkertje en in alle rust mijn zo broodnodige behoefte doen in de ‘family restroom’ van het Bill Frederick Park Orlando. Hoewel.
Vannacht hebben we nieuwe buren gekregen. Toen ik vanmorgen om zes uur naar de douche liep werd ik begroet door drie blaffende honden. “Sorry for that”, sprak mijn nieuwe buurman zacht. “I’m Stephan”, zo stelde de zestiger zich voor. Hij vertelde mij het verhaal van een van de honden die een achterpoot mist. Hij wist niet beter, vertelde de man. Zijn poot was al afgezet toen hij drie maanden was, de hond had leren lopen met een karretje. Dat was ook de reden dat hij ‘Scooter’ heette. Tijdens het ontbijt komt Stephen opnieuw langs. Hij vertelt dat zij christelijk zijn en vandaag naar ‘The Holy Experience” gaan. Disney, maar dan met de bijbel zeg maar. Hij geeft mij z’n kaartje en vertelt dat hij voor zijn pensioen duikbootkapitein was, nu zit hij in de consultancy. ‘Dr. Stephen M. Jarrett, President of Dolphin & Eagle Consulting’, staat er op de kaart die voorzien is van een trotse Amerikaanse adelaar. Stephen en zijn vrouw hebben zo’n prachtige Silver Liner met de naam ‘Hi O’ Silver!’. Aangezien de honden in de camper blijven vraagt Stephen mij om hem te bellen mocht er iets mis zou gaan, zoals brand. Wanneer ik een kwartier later probeer mijn darm te legen hoor ik na een paar minuten dat ik niet meer alleen ben. Er wordt een riem ontgespt en iemand zakt met een diepe zucht op de bril. Er gaat een draagbare radio aan. Het blikkerige geluid klettert tegen de stenen wanden. Een dominee jubelt over de zegeningen van de heer wat vergezeld gaat met een stroom aan ‘halleluja’s’ en ‘praise the lord’s’. Met een uiterste krachtsinspanning pers ik mijn verteerde voedsel terug naar de bron. Met gesprongen aderen en een pijnlijke anus sta ik op en kijk een keer vertederd naar mijn stront.
“Holy Shit’, denk ik tevreden.

I can’t believe it’s not butter!

not-butter

Florida is eigenlijk één groot bejaardencentrum. Het RV Resort waar we vandaag verblijven is het ultieme bewijs daarvan. “Dit zou wat voor je moeder zijn”, glimlacht M. “Die dames hier hebben het wel goed zo.” En zo is het. ’s Morgens eerst even een half uurtje aqua joggen, dan een tijdje aan je nagels laten frunniken, daarna is het tijd voor koffie met gebak, vervolgens ergens lunchen en dan de rest van de middag – met een glas witte wijn in de hand – je door opa in een golf-cart over het resort laten rondtoeren. Oudere dames met jong haar en een gebruinde huid. Keurig opgemaakt en allemaal even ‘happy’. Het leven in Palm Beach Florida is goed, als je je het kunt veroorloven. De politie rijdt hier in Ford Mustangs, of – in hagelwit overhemd – op een glimmende Harley Davidson. De reclameborden langs de kant van de weg zijn van makelaars, banken, kunstgebittenbakkers en borstimplantaat verkopers. Naast de supermarkt vind je de masseur, de nagelstudio, de kapper en een keur aan goede restaurants. Hier geen Burger King, Mc Donnalds of KFC maar Luigi’s Italian Steakhouse. Alles hier is positief. Van Marlboro ga je hier bijvoorbeeld helemaal niet dood, er zijn alleen wat eigenwijze chirurgen die zeggen dat je ook met roken kunt stoppen. Als je hier in een supermarkt rondloopt dan is het bijna niet te geloven dat de gemiddelde Amerikaan veel te zwaar is. Alle verpakkingen schreeuwen dat het product ‘light’ is, of geen vet bevat, of geen cholesterol, geen suiker of meer dan uitstekend past in een gezond dieet. Overal schijnen extra vezels in te zitten en bijna alles bevat essentiële vitaminen. Hier geen verpakkingen met waarschuwingen wat je overkomt als je het product nuttigt, nee, hier schreeuwt de verpakking dat je de dood in de ogen kijkt als je het product niet direct en in grote hoeveelheden tot je neemt. Boter schijnt hier overigens absoluut ‘not done’ te zijn. Veel gevaarlijker dan roken of met wapens rondlopen. In de schappen staan tientallen pakken en kuipen met smurrie wat wordt aangeprezen met slogans als: ‘I can’t believe it’s not butter!’
Ik ben zo geïmpregneerd met de positieve uitstraling van Florida dat ik het risico toch maar neem.

© 2021 Berend Quest

Thema door Anders NorénOmhoog ↑