Tag: geluk

IZZ reclame, erger wordt het niet!

Voorvertoning in nieuwe tab

Na de reclame van Verisure (“Zo kunnen we niet slapen, ik wil dat we een alarm installeren!) dacht ik dat het niet erger kon. Dat het altijd erger kan bewijst IZZ verzekeringen. IZZ verzekeringen bedacht een radiospotje waarin arbeidsethos, emancipatie en het mannelijke rolmodel in één ruk gedegenereerd wordt tot het niveau van de jaren ’50.

Ten eerste

Het is echt verschrikkelijk de achterdeur uit. Een ziektekostenverzekeraar die zegt te geven om jouw gezondheid bedenkt een spotje waar niets anders uit spreekt dan dat het volkomen normaal en legitiem en geaccepteerd is dat je als IC medewerker door alle drukte onbereikbaar bent voor je gezin. En dat het gezin niet beter weet dan je met veel respect en onderdanigheid gevraagd dient te worden ‘of het je wellicht een keer lukt om een avond thuis te komen’, maar, zo niet, ook best.

Het is goddomme 2021! Het is werkelijk schandalig dat medewerkers in de zorg blijkbaar hun gezin in de steek moeten laten omdat het niet lukt om de IC achter te laten. Juist jouw zorgverzekeraar zou daartegen in verzet moeten gaan. Te veel stress en druk op werk leidt tot uitval en ongezondheid. Dat wil je toch niet? Als verzekeraar?!

Ten tweede

Welke zelfstandige, geëmancipeerde vrouw gaat anno 2021 de halve dag onderdanig aan de telefoon hangen om te vragen of mannie nog thuis denkt te komen deze dag? Om een filmpje te kijken? Of zo. Met de groeten van ‘ons’, want er lopen blijkbaar ook nog kinderen rond. Kinderen die een papa hebben die overdag in mensen, en zondags het vlees thuis snijdt? Als het tenminste lukt hoor, want hij moet maar even zien. En, om het feest compleet te maken de afsluitende vraag: “Maar ehh, denk je wel goed om jezelf?”
Aaaarchhh!!!!

Ten derde

Is het niet een bijna schizofrene gewaarwording dat juist een zorgverzekeraar voor zorgmedewerkers de huidige pandemie gebruikt om hun producten aan te prijzen? Sterker, het is niet eens de pandemie zelf die wordt gebruikt, maar meer nog de enorm ongezonde werkomstandigheden van zorgmedewerkers als gevolg van die pandemie!

Alsof de firma Heineken je goedkoop bier aanbiedt omdat je hele salaris deze maand weer in de kroeg is achtergebleven.
Walgelijk.

Valentijn

valentijn

Photo by Harman Abiwardani on Unsplash

Stel, de toekomst kwam niet altijd na het heden
Stel dat ik jou opnieuw ontmoet in het verleden

Stel, de tijd gaf het verschil niet aan
Stel dat tijd uit niets dan ruimte zou bestaan

Stel, mijn grenzeloosheid was niet beperkt tot denken
Stel dat het hoogste woord geen mens kon krenken

Wat had niet kunnen zijn, wat niet had kunnen  zijn

En dan ineens, draai jij je om
Je lacht, je vraagt, je zwijgt
En alles ging zoals het ging
En alles is, zoals zou moeten zijn

Vandaag, ben ik jouw Valentijn

 

KAK!

KAKKAK! Ik voel mij oud! Niet omdat mij voor de vierde keer binnen een uur opnieuw dezelfde vragen worden gesteld. Niet omdat mijn leeftijd heeft bepaald dat ik ben uitverkoren voor dit bevolkingsonderzoek. Nee, het is die blik van de verpleegkundige. Het zijn die iets wat toegeknepen ogen. Dat handje op mijn schouder dat nog net geen aai over mijn bol wordt. Het is die vragende monoloog van de zuster. Als ik zeg dat ik er niet tegenop zie noemt zij mij ‘dapper’. Dapper op een toon zoals je je zoon van 10 dapper noemt als hij een konijntje heeft durven aaien. Dat.
Hier, in dit bed, voel ik mij als een bejaarde. Overgeleverd aan de machinale, grijpgrage klauwen van de zorg.
KAK! KAK! KAK!!!!
En die verdoving voel ik niks van!

Over kak gesproken. Ik lig hier trouwens omdat in mijn kak een beetje bloed werd gevonden. Het gevolg is dat er een cameraploeg opgetrommeld is voor ‘expeditie  dikke darm’. Vanaf het moment dat de camera in mijn anus wordt geduwd wacht ik op het moment dat de regisseur ‘CUT!!’ roept. Grappig eigenlijk: anus, cut. ‘Anuscut’. Wat een cut anus! “Als u blijft lachen kunnen we de poliep niet verwijderen meneer Quest!’ De dokter klinkt rustig, maar wel een beetje streng. Ik besluit mijn associaties maar voor mij te houden. De dokter leek al wat van slag toen ik vroeg of zij de cameravrouw was nadat zij zich aan mij voorstelde. Je moet het lot niet tergen zeg maar. “Zal ik mijn bloeddruk maar een beetje in de gaten houden?”, vraag ik vervolgens monter. “Als u er last van heeft mag u een beetje lucht best laten gaan hoor.” Weer dat handje. Lekker makkelijk trouwens. Hoe weet ik nou of het lucht is waar ik last van heb! Het voelt verdomme of iemand met een stofzuiger in mijn buik zit te wroeten. Straks is het geen lucht en sproei ik de hele behandelkamer, inclusief het camerateam, onder met dunne stront!!
“Het gaat wel hoor”, murmel ik weinig overtuigend. Het gaat ook wel, moet ik eerlijk zeggen. Ik heb het eigenlijk best wel naar mijn zin. Eens zien of ik de afstandbediening van die televisie kan vinden.

“Die verdoving merk ik trouwens helemaal niets van”, merk ik op. Een zuster komt naar mijn kant van het bed. “Maar dat weten we niet hè”, zegt ze grijnzend. “Want u heeft hem natuurlijk wel gehad.”
Hmmm? Ehhh…?
Zal het dan toch de cocktail van Dormicum en Morfine zijn die maakt dat ik daar wel erg lang over moet nadenken?
“Er moet even een poliep naar buiten hoor meneer Quest”, zegt de cameravrouw. “Laat hem een jas aantrekken, het is nogal koud en winderig”, antwoord ik gevat. “Alhoewel, winderig dat moet die poliep wel gewend zijn. Ik weet niet hoe lang hij al bij mij woont?” Nu ben ik gelukkig niet de enige die dat grappig vindt.

Toch gek.
Dat ik niets merk van die verdoving…

 

 

 

De zon grijnst naar mij!

De zon grijnst

De wind giert als een wilde over het Friese land. Wolken dreigen met water. Zelfs in de Trekvaart koppen de golven. De honden rennen voor mij uit alsof in Bolsward de beloning wacht. Ik heb de handen in de zakken van mijn spijkerbroek. Onder mijn muts de TOP2000, Run The World (Girls) van Byoncé.
Het is 2e Kerstdag 2017.

Voor ik de deur uit liep vulde ik de slow cooker en las ik #MijnMoment van Tjarko Rikkerink. Het maakt dat ik terugdenk aan 2009. Na jaren tevergeefs duwen en trekken verkocht ik de inboedel, de klanten en het personeel van mijn bedrijf. Wat over bleef was een lege BV met een enorme schuld. Lastige jaren volgden. Een faillissement, dreigende banken en ziektewet. In 2013 een (niet terechte) claim van de ING. We zouden dat jaar, ter afsluiting van een financieel zware periode, met het gezin naar de USA. Een ruim jaar spaarden we voor die reis. Het spaargeld ging als een soort van depot in de aflossing van het Doorlopende Krediet. Dat scheelde veel rente op de aflossing. En week voor onze vakantie nagelde de ING ons als wanbetaler aan de wand van het BKR. Met trillende benen naar de lokale Rabobank. Fantastische mensen. Maakten het bedrag dat we nodig hadden over naar de betaalrekening en blokkeerde pas daarna verdere opnames.
Nog vier dagen en dan lossen we de laatste euro’s af. Vanaf januari 500 euro minder vaste lasten per maand.

Djeez.

Gisteren met mijn oudste dochter en jongste zoon op bezoek geweest bij mijn oudste zoon. Kerstpakket mee, en mee terug. Mocht niet. Geen eten. Wat wel mocht waren de kaarten en de brieven die in de doos zaten. Ook een brief van M. Hoewel ik toenemend moeite heb om mijn emoties te controleren huil ik eigenlijk nooit. Een traantje, een snik. Daar blijft het wel bij. Gisteren huilde ik echt. Niet van ellende, niet van verdriet, niet van vreugde. Meer uit besef. Ik heb weer vier kinderen. Ik heb een wereldvrouw, ik heb een wereldgezin.

George Michael is dood, Prince is dood, Bowie is dood, mijn broer is dood. De wereld staat in brand.
En met mij gaat het beter dan ooit!

Ik draai om bij Bolsward en loop terug naar Burgwerd. Halverwege de Trekvaart kom ik een dorpsgenoot tegen met zijn hond. Handen diep in de zakken, muts tot over de oren, neus in zijn kraag. Als we elkaar tot op een paar meter genaderd zijn trek ik de pluggen uit mijn oren, steek mijn hand uit, grijp de zijne en wens hem mooie dagen. Hij kijkt verbaast en lacht. Dit had hij niet zien aankomen, zo kent hij mij niet.

De wolken breken even open en de zon grijnst naar mij.
Speciaal naar mij.
En ik?
Ik grijns terug en geef de zon een knipoog.

Wij snappen elkaar. De zon en ik.

 

 

Privacy

genante lijvenHet maakt niet uit. Piet is boer en kan zelf blijkbaar geen contactadvertentie opstellen of lezen. Jan en Klazien zijn 55, maar niet in staat zelf een passende woning te vinden. Gerben is een relnicht van 35 en heeft zijn rijbewijs klaarblijkelijk in een donker Afrikaans land gekocht. Of geruild voor een oud Samsung tablet. Of het nu is omdat we dronken achter het stuur zitten, de deurwaarder alle inboedel in beslag komt nemen of dat we niet in staat zijn om onze hond of kind op te voeden.
Het maakt niet uit.
Een mislukte borstvergroting? Laaghangende teeltballen? Smetplekken in de bilnaad? Uitgescheurd rectum na een avondje darkroom? Op de spoedeisende hulp omdat de met zo veel zorg ingebrachte cola-light fles niet meer uit de vagina te krijgen is?
Maakt niet uit.

We mogen allemaal meegenieten. Via SBS, RTL of desnoods – wanneer het zelfs de commerciëlen te ver gaat qua ranzigheid – via Youtube, Facebook, Twitter, Instagram of een ander sociaal media kanaal. We mogen weten wie u bent, hoe verschrikkelijk dom u bent, hoe u zich laat besodemieteren, bespotten en verminken. We hebben geen geheimen, we zijn als volk de schaamte ver voorbij.
Zoals Jan Dijkgraaf ooit opmerkte: “Privacy bestaat niet meer”.

Totdat je bij de politie werkt, of hulpverlener bent.
En je wilt overleggen, informatie delen of afstemmen met andere betrokken hulpverleners.
Dat mag dan weer niet.
Vanwege de privacy.