Monthmaart 2013

Ondertussen kun je het water horen komen

tsunami

Mocht je zorgen hebben over de gevolgen van de huidige economische crisis neem dan van mij aan dat het ergste nog moet komen. De verzorgingsstaat zoals we die kennen wordt langzaam maar zeker uitgekleed. De gevolgen, zo is mijn overtuiging, ervaren wij nog niet in de volle omvang. Meer belastingen, minder voorzieningen, minder koopkracht en minder tijd als je ziek wordt of zonder werk komt te zitten.
Ik weet niet hoe het met jou is, maar mijn hypotheek is inmiddels een stuk meer waard dan mijn huis.

Wij in huize Quest zijn boffertjes. Allebei een baan, allebei gezond en geen (onvolwassen) kinderen met een beperking of handicap. Ook onze ouders kunnen in hun eigen behoeften voorzien. Onze oudste zal over een jaar of 2 gaan studeren, en gelukkig hebben we daar geld voor vastgelegd. We hebben een goed huwelijk, dus we hoeven niet te scheiden. Dat kan ook helemaal niet. Financieel.

Als je er goed naar kijkt mag er eigenlijk niets gebeuren wat de huidige situatie in gevaar brengt. Niet ziek worden, niet werkeloos raken, geen ruzie krijgen en de auto moet nog minstens een jaar mee.
We zijn boffertjes, en het geluk mag ons niet in de steek raken.

Ons geluk staat onder druk. Het afbreken van de verzorgingsstaat heeft niet alleen directe gevolgen in de vorm van bezuinigingen en het uitkleden van voorzieningen. Als de crisis een aardbeving op de oceaanbodem is, dan zijn bezuinigingen de aardschokken. De echte ramp in de vorm van een tsunami moet nog komen. Na de bezuinigingen, het afbreken van de voorzieningen en het verhogen van de belastingen worden we overspoelt door een tsunami van angst. Een tsunami die het land intrekt en op de weg terug begrippen als solidariteit en redelijkheid meesleurt en verzuipt in onze Noordzee.

We stemmen niet meer PVDA, CDA of D66. We stemmen zelfs geen VVD. We stemmen op polariserende partijen. We stemmen op de PVV, omdat het de schuld van de Islam is. We stemmen op 50+, omdat wij ouderen er altijd hard voor gewerkt hebben en dus recht hebben op welvaart. We stemmen niet uit overtuiging, maar uit angst. We stemmen niet meer voor een ideaal, maar tegen de bedreigingen van de eigen specifieke belangen.

En ondertussen wordt het beetje vertrouwen dat we nog hebben in ons systeem iedere dag verder beschadigd. Volgens de staatsbank ABN is € 1,35 miljoen per jaar volkomen onvoldoende om een goede manager te vinden. Diezelfde ABN heeft 54 dochterondernemingen in belastingparadijzen. Niet zoveel als Shell (85), maar toch.
In Tegenlicht was de afgelopen week te zien hoe grote multinationals er voor zorgen dat zij nauwelijks belasting hoeven te betalen door gebruik te maken van allerlei schimmige constructies en belastingparadijzen. Tegelijkertijd worden scheepsladingen van uw en mijn geld worden richting Cyprus (ook een belastingparadijs) gebracht.

Alles wat groot is ruikt zo langzamerhand naar verrot. Grote multinationales, grote banken, grote organisaties en grote politieke, economische en financiële systemen.
Dus groeien multinationals groter, blijft de macht bij de banken, storten we miljarden in bodemloze putten, fuseren we de gemeenten, bouwen we aan super-provincies en steken we de loftrompet over Europa.
Alles wordt groter, alles behalve het individu.

Ondertussen kun je het water horen komen.

Dan kom je er goedkoop vanaf

JasperS1
13 Jaar lang zat de familie Vaatstra gevangen. 13 Jaar lang onzekerheid. 13 Jaar lang die vragen. Wie? Waarom?
13 Jaar. de. hel.

Een paar kilometer verderop leefde 13 jaar lang een boer zijn leven. Zag een boer zijn kinderen wel opgroeien. Bespaarde boer Jasper S. zijn kinderen ‘het leed van een vader die in de gevangenis zit’. 13 Jaar lang zweeg Jasper S. omwille van het welzijn van zijn kinderen.

‘Een rat’, zo typeerde vader Vaatstra Jasper S. En vader Vaatstra heeft gelijk.
Jasper S. had andere keuzes kunnen maken. Scheiden, weggaan bij vrouw en kinderen. En dan zichzelf aangeven. Om maar een voorbeeld te noemen. Omwille van de familie van Marianne Vaatstra.
Maar dat deed Jasper S. niet.
Uiteindelijk werd hij, 13 jaar later, gepakt via een DNA onderzoek.
“Op dat moment had ik een knop omgedraaid en mijn geweten uitgeschakeld”, verklaart Jasper S. over de verkrachting van en de moord op het 16-jarige meisje.
Volgens mij heeft Jasper S. zijn geweten destijds voor altijd uitgeschakeld, anders had hij zich direct aangegeven.

20 Jaar cel is de eis tegen Jasper S.
Dit betekent dat hij na 13 jaar en een paar maanden vrij kan komen.
13 Jaar voor het verkrachten, het vermoorden en het zwijgen.
Voor iedere dag dat Jasper S. de waarheid verzweeg moet hij dus feitelijk 1 dag zitten.

Dan kom je er goedkoop vanaf.

Dat nemen we mee

voetbalveld
‘Dat nemen we mee’.
De gemeenteambtenaar spreekt rustig, glimlachend en begrijpend knikkend.
‘Dat nemen we mee’, zegt de ambtenaar. Een keer of veertig deze avond.
De ambtenaar is aangewezen om een toelichting te geven op het nieuwe beleid van de gemeente. Hij doet dit met een presentatie. Zo’n Prezi ding. Wij, de sportbestuurders mogen vragen stellen. Graag zelfs. De ambtenaar krijgt veel vragen. Kritische vragen. Hoe je bijvoorbeeld zelf verantwoordelijk kunt zijn voor de netten in een doel wanneer de gemeente verantwoordelijk (want eigenaar) is van de accommodatie.
‘Dat nemen we mee.’
Of, als je het eigendom van de clubgebouwen van een aantal verenigingen gratis overdraagt aan de verenigingen, hoe je dit rijmt met die verenigingen die zelf de clubgebouwen gebouwd en gefinancierd hebben.
‘Dat nemen we mee’, antwoord de ambtenaar glimlachend.
Verenigingen kunnen een deel van een nieuw kunstgrasveld gesubsidieerd krijgen ‘als daar voldoende noodzaak toe is’, zo legt de ambtenaar uit. Wanneer is er ‘voldoende noodzaak’, is de vraag.
‘Dat nemen we mee’, is het antwoord.
Na een uurtje is de ambtenaar klaar met zijn verhaal, pakt zijn spullen en vertrekt.

Nog even kijkt hij om.
Ik denk om te controleren of hij niets vergeet mee te nemen.

Je moet er niet aan denken

janhommen-568x381-484x324

Een schamele € 1,35 miljoen per jaar. Je mag niet verwachten dat je daar een goede topman voor vindt, zo meent de ING. Welke echte toptijger gaat er voor niets aan het werk? Niemand toch zeker? En dat is wel wat je nodig hebt, voor een bank. Een topper. Iemand die risico’s neemt, overnames initieert. Winsten opstuwt. Overbodige mensen wegsaneert. Onrendabele onderdelen verkoopt.
Voor een luizige € 1,35 miljoen vind je geen megalomane psychopaat die bereid is onverantwoorde risico’s te nemen met uw en mijn geld. Dan krijg je geen kerel van stavast die met droge ogen de staat om een miljard of 20 vraagt om diezelfde bank overeind te houden. Die ons kan uitleggen dat de bank niet wankelt vanwege zijn hebzucht of zijn gokverslaving, maar door ‘onvoorziene economische ontwikkelingen’. Sterker nog, als hij er niet was geweest was die bank al veel eerder omgevallen!!

Nee, zo iemand vind je niet. Dat kun je niet verwachten. Dat mag je gewoonweg niet hopen. Voor € 1,35 miljoen per jaar.

Voor € 1,35 miljoen per jaar vind je hooguit iemand die z’n school heeft afgemaakt, daarna economie is gaan studeren, verstand van zaken heeft en veel ervaring heeft in het leiden van een grote organisatie!

En dat is het ergste niet.
Voor je het weet heeft zo’n ‘ik-werk-voor-een-fooi-kneus’ ook nog eens last van normen en waarden.
En verantwoordelijkheidsgevoel.
Of, brrrr, een geweten.

Je moet er niet aan denken.
Toch?

De Luisteraar

eenzaamheid1

“Weet u, ik snap er niets van. We hebben al zoveel meegemaakt, en dan nu dit!” De oude vrouw keek hem met grote ogen aan. Het viel hem op hoe gaaf haar huid nog was. Glad, met roze wangen. Rimpelloos bijna. Hij vroeg zich af wat nu maakte dat hij wist dat de vrouw tegenover hem ergens achter in de 80 moest zijn. Waren het haar ogen? Of was het alleen het witte haar? Vreemd, dat ook een oud mens zonder rimpels in het gelaat oud is. En dat je dat meteen ziet. “Ziet u, ik was de laatste van 8 kinderen. Mijn moeder was al 45 toen ik er nog eens achteraan kwam. Ik heb mijn broers en zussen nooit als kind gekend meneer, alleen als volwassene. En mijn moeder stierf toen ik nog geen 30 was. Weet u dat ik iedere keer als er vliegtuigen overkomen schrik meneer? Het doet mij denken aan de oorlog, ik zat toen in de trein. Er kwam een vliegtuig van de Duitsers, en ik had een baby op mijn schoot. Niet van mij hoor, ik was pas 15. Maar de trein stopte en wij moesten de trein uit, het weiland in. Het vliegtuig bleef maar komen en schoot de trein in brand meneer. Het was vreselijk! We hebben zoveel meegemaakt meneer! En het komt allemaal weer terug. Ik schrik vaak midden in de nacht wakker, dan denk ik aan die vreselijke bevalling van mijn zoon. Of aan de dag dat mijn broer in mijn armen stierf. Hij stikte meneer en hij was pas 56. Die ogen, die stervende ogen, ik vergeet het nooit meer. Al die dingen die we hebben meegemaakt. Ik denk vaak waarom toch? Waarom moest het toch allemaal zo gaan meneer? Ik ben alleen over, er is niemand meer. Mijn broers en zussen zijn allemaal dood. Mijn man is dood, mijn zoon is dood. En ik had zo graag een dochter gehad. En willen werken in het ziekenhuis. Maar dat kon niet, want de ouders van mijn man hadden een winkel, en wij moesten de winkel overnemen. En nu ben ik 87. Ik heb altijd alles voor iedereen gedaan. En waarom? Waarom meneer? Waarom zit ik nu hier. Alleen, in dit huis. Waar is dit nu allemaal goed voor?”

De oude vrouw pakte een zakdoek en wreef over haar gezicht. De man zweeg. Hij wilde wel wat zeggen, maar kon de juiste woorden niet vinden. Maar misschien was het ook wel beter zo. Zwijgen was misschien wel zo gepast. Hij pakte het kopje voorzichtig van de tafel en nam een slokje thee.

“Begrijpt u dat nou meneer? Er is al zoveel gebeurd, en nu dit weer. Houdt het dan nooit eens op? Waar heb ik het toch allemaal aan verdiend? We zijn hier allemaal maar één keer meneer. En mijn tijd is bijna om. Ik heb iets meer om naar toe te leven, en wat achter mij ligt meneer, ach, het meeste wil ik niet eens aan denken. En nu dit weer!”

De oude vrouw keek hem een moment doordringend aan en zuchtte diep. “Maar goed, daar kunt u natuurlijk ook allemaal niets aan doen. Sorry hoor, het moest er gewoon even uit. Wilt u nog een kopje thee?”
De man stond op van de stoel en bedankte de oude vrouw vriendelijk.
“Ik zal nu eerst even naar de wasmachine kijken. Ik denk dat het gewoon de thermostaat is. Ik zal hem even vervangen, kunt u over een uurtje de was weer doen.”

© 2021 Berend Quest

Thema door Anders NorénOmhoog ↑