– Goedemorgen meneer Atsma, we gaan even de temperatuur opnemen.
– Goed zuster.
– Nee, achterin. Stopt u hem maar achterin, dat geeft een beter beeld.
– Goed zuster.
– Nee, meneer Atsma, het hoesje mag er om blijven. Stop hem er maar in ja. Van achteren.
– Goed zuster.
– Moet u eerst even de pyjamabroek laten zakken meneer Atsma!
– Goed zuster.
– Hè, nu heeft u de thermometer afgezet. Haal hem er maar weer uit!
– Goed zuster.
– ER UIT meneer van Atsma! Goed zo. Nu even het knopje indrukken. Het KNOPJE! Goed zo.
– Goed zuster
– Nu mag de thermometer er weer in.
– Goed zuster.
– Hè, getverderrie!! VAN ACHTEREN meneer Atsma!! Niet in uw mond!
– Goed zuster.
**