Op Frontaalnaakt las ik ‘Roze Rancune‘, een stuk dat in 5 punten Geen Stijl afserveert.
Op zich een leuk stuk om te lezen, maar de reacties vind ik wellicht nog leuker, boeiender.

Het stuk is ‘anoniem’. Geschreven door ene ‘Eva Szervos’.
De afsluitende zinnen:

Eva Szervos is natuurlijk niet de echte naam van de vrouw die dit artikel schreef, dus houd maar op met googlen. Uw carcinogene commentaar mag u hieronder plaatsen.

De schrijfster (of de redactie) heeft blijkbaar een nogal vooringenomen idee over hoe de commentaren er uit zullen gaan zien. ‘carcinogeen’ ofwel; kankerverwekkend.
‘Uw kankerverwekkende commentaar’ dus. Over stijl gesproken.

Anyway, de reacties (60 inmiddels) vind ik allesbehalve kankerverwekkend. Er is bijvoorbeeld een boeiende discussie te lezen over het voor en tegen van anoniem reageren, aangezwengeld door Bas Paternotte (@baspaternotte).
Dat Peter Breedveld dat dan direct ziet als een afleidingsmanoeuvre (‘maniertje om het verhaal te diskwalificeren’) van Bas Paternotte, ach.

Samenvattend:
De schrijfster blijft anoniem omdat zij meent haar baan te kunnen verliezen wanneer zij de woede van Geen Stijl adepten over zich heen krijgt. Zij is geen journalist en zit derhalve niet – in privé – te wachten op de ellende die je over je afroept wanneer je kritiek op een Geen Stijl hebt.
Zij heeft geen zin om met naam, adres foto en telefoonnummer te worden geschandpaald op het www.

Bas Paternotte zet daar tegenover: ‘Leuk stukje. Zou er wel op willen reageren maar de auteur is anoniem. Ik weet dus niet wie er achter zit en wat zijn of haar belangen zijn. Dan schiet het debat dus niet op. Anonieme auteurs zijn de bijl aan de stam enzo. Doen ze bij GeenStijl ook btw.’

Ik vind voor beiden veel te zeggen.

De vraag die deze discussie bij mij oproept is: Hoe sterk moet je eigenlijk zijn om je mening te mogen verkondigen?
Over publieke figuren hoorde ik laatst iemand zeggen dat de negatieve, laatdunkende, krenkende zo niet ronduit bedreigende bejegeningen ‘er nu eenmaal bij horen’. Je moet dus maar eelt op je ziel kweken, je moet er maar tegen kunnen, het is een gegeven en het hoort er bij.
De vraag is blijkbaar niet of jouw argumenten en de wijze waarop je een mening kunt onderbouwen maken of je de spreekwoordelijke kop boven het maaiveld uit kunt steken, nee, de vraag is of je bestand bent tegen de keiharde schoppen van genopte schoenen van hen die het niet met je eens zijn.

De roep om de strijd aan te gaan met open vizier onderschrijf ik.
Maar de angst om tot aan de werkplek of je kinderen toe nagejaagd te worden door de groep die je aanspreekt of waar je een mening over geeft herken ik ook.
We kunnen daar niet allemaal tegen, we hebben niet allemaal eelt op onze ziel. We zijn niet allemaal journalist of politicus en we hebben lang niet allemaal een werkgever die het waardeert wanneer ene Rutger Castricum met z’n irritante roze plopdop aan de balie verschijnt.

En dat is toch wel een beetje jammer.

De basis om ergens over mee te debatteren of discussiëren zouden louter en alleen je argumenten moeten zijn. En niet de dikte van de eeltlaag op je ziel.

P.s. Nee, Berend Quest is niet anoniem.