Date6 februari 2011

Een lekkere jus

[slideshow id=2]
Jus, dat komt van vlees. Heus. Jus komt dus niet uit een flesje, of van een blokje.
De Questjes eten met regelmaat iets zonder vlees. Maar, een lekker jus is er over het algemeen wel. Dat doen wij als volgt. In het weekeinde een gehaktballetje draaien, een worstje bakken en een stukje rundvlees laten sudderen.
Garantie voor een week goeie jus!

Draai een balletje gehakt, van rundvlees het liefst.
Verwarm 75 gram boter en een flinke scheut olijfolie in een grote braadpan (ongeveer 50/50). Olie wordt heter, verbrand minder snel en bovendien is het beter voor je tempel.
Braad de balletjes rondom bruin (op een half-hoog vuurtje), haal ze uit de pan. Blus het vet met rode wijn, doe es een half flesje. Laat het wat inkoken.
Neem een blik tomatenblokjes en een blikje tomatenpuree. Voeg hier 2 glazen water aan toe. Even de staafmixer er door, of in de blender. Doe dit in de pan. Voeg een paar (stuk of 4) bouillonblokjes toe. Breng alles weer aan de kook. Snijd een uitje, doe dat er bij.
Als het vocht weer kookt, de balletjes er weer in.
Even een minuut of 20 sudderen.

Braad ondertussen in een koekenpan nog wat worst, of rundvlees aan.
Als het vlees bruin is, bij de gehaktballen en sudderen tot het gaar is.
Het braadvet (beetje boter, beetje olie) afblussen met wat wijn of port.

Al met al maak ik op deze manier voor een hele week jus voor ons vijven. Er zit slechts 125 gram boter in, de rest is wijn, tomaat, olijfolie en water.
Uiteraard kun je nog kruiden toevoegen, indien gewenst.

Vreselijke Dialogen: Voetbal

– Hoi, ik ben Arienne.
– Hoi; Jeanette.
– Nou, dat was weer vroeg vanmorgen hè, Jeanette?
– Ach, ik vind het niet zo erg hoor.
– Nou, bij ons doet Stefan dit normaal hoor. Maar ja, die had een spoedklus. Op z’n werk. Iets belangrijks of zo. Acht uur, zaterdagmorgen. Da’s toch geen tijd voor een Hollander? Wat jij Jeanette?
– Ach, mij geeft het niks hoor. Je moet er toch uit hè, met drie jonge kinderen.
– Ik zeg altijd maar zo, ik ben er de hele week voor iedereen, maar zaterdags en zondags dan slaap ik uit. Basta. Dan mag jij het doen, zeg ik dan, tegen Stefan. Moet jij ook es doen Jeanette! Je ziet er moei uit.
– Ik ben alleen met de kinderen, dus dat gaat wat lastig.
– Ach jee, meid! Jeanette! Wat naar! Heb je geen man?
– Nee, ik ben gescheiden. Sinds kort.
– Heb je hem er uit gezet, je man!?
– Nee, hij is weggegaan.
– Een ander zeker hè? Ja, je hoort het zo vaak hè! Nou ja, ik zeg altijd maar: ‘geen hand vol maar een land vol’ Jeanette!
– Dat is het niet hoor. Hij werd ziek.
– Ziek? Ligt’ie in het ziekenhuis dan? Maar, dat is toch geen reden om te scheiden?
– Nee, hij werd geestelijk ziek. In de war. Ging vreemde dingen doen. En toen, in een heldere periode, heeft hij de scheiding aangevraagd en is hij weggegaan.
– Ja, dat is wel vreemd.
– Uit schaamte.
– Nou ja, misschien maar beter ook zo hè. Ik bedoel, om nou met een gestoorde in één huis te leven. Straks doet’ie de kinderen nog wat aan.
– Ik houd nog heel veel van Sam. Sam is een hele lieve man. Ik mis hem.
– Ach meid, het komt vast wel weer goed. Je bent jong, je ziet er nog leuk uit.
– Ik… Ik geloof dat ze het veld opkomen.
– Oh, ja, kijk! Daar, die nummer vijf! Dat is Stefan junior! Precies ze vader!
**

© 2021 Berend Quest

Thema door Anders NorénOmhoog ↑