Ik moet een jaar of 11 geweest zijn, want ik zat nog op de lagere school. Geen shag, of Marlboro, maar Peter Stuyvesant. Want dat rookten mijn vader en moeder. Ik kan mij de misselijkheid van sigaretten nog herinneren. Het is dezelfde duizelig makende misselijkheid die je ervaart wanneer je met je dronken kop in van die veel te snel bewegende kermis attracties stapt.
Roken. Na een jaar of 38 is het genoeg geweest. Ik stop er mee.

Gisteren, 1 december 2010 was mijn eerste rookvrije dag in jaren. De laatste keer dat ik een poging deed om te stoppen ligt alweer een jaar of 10 achter me. Van alle andere keren dat ik stopte met roken herinner ik mij vooral de twijfel en het zoeken.
De twijfel of ik nu had besloten te stoppen of dat ik steeds aan het besluiten was het opnieuw beginnen een tijdje uit te stellen.
En het zoeken. Het zoeken naar een reden om weer te beginnen. Dat je de mensen in je omgeving zo gaat tergen dat zij je uiteindelijk smeken: ‘Man, ALSJEBLIEFT!!! STEEK EEN SIGARET OP!!!’

Dat heb ik nu niet.
Ik kauw ook niet op nicotine dingetjes. Ik drink net zo veel koffie als anders. Ik snoep niet meer dan dat ik al deed. Het is niet nodig.
Ik ben niet zozeer gestopt, ik heb het roken opgegeven. Ik ben het zat.

Heb je er dan helemaal geen last van?
Jazeker wel. Ik sta steeds op van m’n stoel. Om mij te realiseren dat ik wilde gaan roken. Of ik loop met mijn ogen te zoeken door het huis. Tot dat mijn hersenen weten wat mijn ogen zoeken.
Het meest lastige is dat ik gisteren geen stukje kon schrijven, en dat doe ik nogal graag.
Ik kreeg het niet voor elkaar.
U moet weten, een stukje schrijven ging bij mij vaak zo:

Zitten, inloggen, naar het scherm kijken.
*opstaan, naar buiten en roken*
Klein stukje schrijven, nalezen, zuchten.
*opstaan, naar buiten en roken*
Opnieuw stukje schrijven, titel bedenken, nalezen.
*opstaan, naar buiten en roken*
Plaatje zoeken, teksten verbeteren, twijfelen.
*opstaan, naar buiten en roken*
En zo maar verder.

Tja, en daar moet ik dus wat nieuws voor verzinnen.