Hadjara

honor-killing1
Ik herken haar niet meteen. Zij stapt binnen op de briefing van de Directe Hulp Huiselijk Geweld in het kader van de kennismaking. Een nieuwe medewerker. Zij kent mij wel, blijkbaar, want zij stapt op mij af en lacht. “Daar ben ik dan, zoals afgesproken”, zegt ze. Dan zie ik het. Deze jonge vrouw bracht ik een paar jaar eerder van een dorp in Friesland naar een ‘veilige plek’ ergens in het land, Hadjara had destijds nog een andere naam. 24 Jaar was zij toen. Zij was gevlucht uit het huis van haar familie waar zij al een paar maanden gevangen zat. Gevangen omdat zij aan haar ouders had verteld dat zij een Hollandse vriend had ontmoet. Deze vriend was bereid moslim te worden. Ook had Hadjara opgebiecht geen maagd meer te zijn. Haar ouders waren geschokt. Hadjara moest naar de huisarts om een hersteloperatie te laten uitvoeren en kreeg huisarrest. Vanaf het moment dat zij zich had uitgesproken sprak haar vader niet meer met haar. Geen woord. Hadjara mocht niet meer naar school of de sportvereniging. Ook mocht zij haar rijlessen niet meer volgen. Zij mocht geen contact met de buitenwereld meer onderhouden en waar zij ook in huis ging; altijd was er een familielid aan haar zijde om te voorkomen dat zij naar buiten ging of contacten met de buitenwereld onderhield. Haar vriend liet via een kennis weten de relatie te stoppen, het was hem allemaal te bedreigend. Op een dag was zij gevlucht met niets anders dan de kleding die zij droeg en een verlopen paspoort.
Ik denk terug aan de autorit die wij maakten op die vrijdagmiddag in november. Hadjara vertelde over zichzelf, de cultuur waarin zij leefde maar vooral over haar ouders. Een intelligente, jonge vrouw die jaren had geworsteld. Thuis was zij het brave moslimmeisje, buiten was zij een zelfbewuste Hbo-student, verliefd, verwesterd en bevrijd. Tot zij het leven in twee werelden niet meer kon verdragen en het haar ouders vertelde. Ik herinner mij de enorme moed die deze vrouw had. Alles kwijt, iedere band met de familie verbreken en totale onzekerheid. Om maar te zwijgen over het risico op eerwraak. En toch de moed hebben om te geloven dat het goed gaat komen. Dat de vrijheid om zelf te kiezen het allergrootste goed is. Liever opnieuw beginnen, liever alleen, liever de onzekerheid dan de zekerheid van een bestaan waarin anderen voor jou bepalen wat goed voor je is, wat je wel of niet mag en met wie jij wel of niet om mag gaan. Hadjara vertelde over haar opleiding en wat zij later wilde doen met die opleiding. Ik lachte en zei dat het toch wel heel mooi zou zijn als juist zij over een paar jaar bij FierFryslân zou komen werken. “We hebben mensen als jij nodig. Mensen die de cultuur echt kennen. Mensen die de dilemma’s echt snappen. Wij kunnen de pijn wel invoelen, maar jij kunt meer. Jij begrijpt veel meer van de context.” Toen ik haar op de plaats van bestemming afzette zag ik Hadjara voor het eerst gespannen en nerveus. “Het komt goed. Jij komt er wel”, zei ik toen ik afscheid van haar nam.
En nu stond zij hier. Een paar jaar verder, gediplomeerd, trots en stralend van energie en kracht.
Prachtig!!

Ik hoop dat het verhaal van Hadjara zo gaat als ik het hier schets.
De werkelijkheid is namelijk dat het nog maar kort geleden is dat ik haar naar een veilig adres bracht. Dat ik er in geloof dat het kan gaan zoals ik het beschrijf geeft mij hoop.

En hoop is toch wel een van de belangrijkste ingrediënten die we nodig hebben om als hulpverleners te kunnen en blijven doen wat we doen.
Moed en hoop, dat is een sterk team.

Over Berend Quest

'Als Berend Quest de wereld zou begrijpen, dan pas had ik een rotleven' | Blogt & Schrijft | Kookt maaltijden en soms van woede | Heeft hart, dat klopt

4 Comments

  1. doe je goed man!

  2. Wat een prachtige hoop, zij komt er wel, wat een kracht deze vrouw, zij moet er gewoon komen:-) ik help mee hopen

  3. Duimen maar, echt wel!

Zeg het maar!

© 2017 Berend Quest

Theme by Anders NorénUp ↑

Meer in Maatschappij, Ontmoetingen
De bevrijding

Zij lag op een dunne matras op de grond. Een...

Bij de voedselbank

Vrijdagmiddag. Ik sta in de rij bij de voedselbank. Niet...

Sluiten